Mondelinge communicatie

Ideeën en meningen aan anderen duidelijk maken, gebruikmakend van duidelijke taal, gebaren en non-verbale communicatie. Taal en terminologie aanpassen aan anderen.

Voorbeelden van mondelinge communicatie zijn:
  1. spreekt duidelijk en verstaanbaar.
  2. praat rustig en gebruikt pauzes.
  3. formuleert helder en duidelijk.                           i
  4. spreekt in begrijpelijke taal.
  5. gebruikt intonatie en lichaamshouding ter ondersteuning van het overbrengen van zijn boodschap.
  6. toetst of de ander zijn boodschap heeft begrepen.
  7. verheldert een probleem door een goed voorbeeld te geven.
  8. past taalgebruik aan zijn toehoorders aan.

2Bimproved modules: 010Communicatie

  • Je spreekt goed Nederlands
  • Je spreekt verstaanbaar
  • Je vloekt en schreeuwt niet
  • Je bereidt je feedback voor
  • Je geeft je feedback vanuit jezelf
  • Je luistert naar de reactie van de ander
  • Je probeert incidenten te voorkomen
  • Je zorgt dat de situatie niet escaleert
  • Je zorgt voor een goede afhandeling
  • Je vertelt wat je hebt gezien of gehoord
  • Je vraagt wat de ander van jouw feedback vindt en wat deze ermee gaat doen
  • Je weet te verwoorden wat dit met je doet en het gevolg hiervan
  • Je bedankt de ander voor de feedback
  • Je luistert actief naar de feedback
  • Je vertelt hoe je je gedrag zult aanpassen
  • Je luistert actief
  • Je stelt open vragen
  • Je vat samen en vraagt door
  • Je kijkt de ander aan als deze tegen je spreekt
  • Je knikt of 'humt' als teken dat je luister
  • Je stelt vragen tussendoor
  • Je bereidt je feedback voor
  • Je bespreekt de opdracht volgens de feedbackmethode
  • Je let op dat je niet in de valkuilen trapt
  • Je luistert rustig naar feedback
  • Je maakt afspraken
  • Je zoekt naar een oplossing
  • Je let op de reactie van je gesprekspartner
  • Je start een gesprek op inhoudsniveau
  • Je stelt vast op welk niveau zich een probleem voordoet
  • Je bepaalt het doel van het gesprek
  • Je stemt af met je gesprekspartner
  • Je volgt het plan van aanpak dat je hebt bedacht
  • Je bereidt je feedback voor
  • Je bespreekt de opdracht volgens de feedbackmethode
  • Je let op dat je niet in de valkuilen trapt
  • Je zoekt naar een oplossing
  • Je luistert rustig naar feedback
  • Je maakt afspraken
  • Je bepaalt het doel van het gesprek
  • Je stemt af met je gesprekspartner
  • Je volgt het plan van aanpak dat je hebt bedacht

Klik dan op onderstaande button!